
Dat mijn Postcode Loterij Koffertje als vrijwel enige bagagestuk níet uit de kofferbak is gestolen, zet wel aan het denken. Kregen de dieven het ondanks verwoede pogingen niet uit de auto gehengeld of wilden ze er gewoon niet mee gezien worden? Voordeel is wel dat ik niet alleen mezelf maar ook mijn vriendinnen de rest van onze korte vakantie van schone onderbroeken kan voorzien. Kijk, dat noem ik nou vriendschap.
We zijn dus bestolen. Als we op onze tweede dag in Milaan na een bezoek aan de Pirelli Hangars de parkeerplaats betreden, is het raampje rechts achter ingeslagen en de bagage grotendeels foetsie.
Eerst is er het ongeloof: “Wat? Hoe kán dit? Waarom onze auto? Er hangen toch camera’s!” Dan woede: “De klootzakken, wat denken ze wel niet. Ze hebben met hun tengels van onze spullen af te blijven.” Dan het besef. Twee vriendinnen zijn letterlijk alles kwijt, de derde al haar schoenen en enkele truien. Ik kom er het best vanaf en mis alleen een tas (wel een hele mooie!) met vooral praktische zaken erin.
Na de eerste emoties herpakken we ons. “Het zijn maar spullen.” “We hebben nog genoeg in de kast thuis.” Maar naarmate de middag vordert, schieten steeds ons meer dingen te binnen die óók in de gestolen tassen zaten. O nee, die gekoesterde handgeschreven brief van de dochter. Verdorie, de oorbellen van overleden moeder, een kostbare ketting, die prachtige blouse, een nieuwe broek, die mooie net cadeau gekregen vintage tas, de bril op sterkte en ga zo maar door. Nadat we het meeste glas uit de auto hebben weten te verwijderen, rijden we toch wel enigszins aangeslagen naar het centrale politiebureau in Milaan.
Hier hoeven we weinig medeleven te verwachten. Diefstal is in Milaan blijkbaar aan de orde van de dag en het is zowat aansluiten achter in de rij. Een glaasje water voor de schrik zit er niet in en een ventilator in de benauwde en oververhitte wachtruimte is kennelijk ook overbodig, laat staan een airco. De wc is goorder dan goor. Twee vriendinnen nemen de schone taak van het aangifte doen op zich. Twee andere, waaronder ondergetekende, bewaken een straat verder de auto met het kapotte raam. Want je moet er toch niet aan denken dat die ene laatste koffer…
Uren later – het is inmiddels vroeg op de zaterdagavond – hebben we de aangifte eindelijk op zak en laten we Milaan achter ons. Zonder iets te eten en drinken voor onderweg of de volgende ochtend, want boodschappen doen is erbij ingeschoten. Bij aankomst in Nesso zijn de winkels uiteraard dicht. Gelukkig heeft de partner van een van ons in het plaatselijke restaurant een tafel gereserveerd mét uitzicht op het Comomeer. Kijk, die man snapt wat wij nodig hebben. Een glaasje wijn of twee later, hebben de dames weer praatjes als vanouds. Rest ons alleen nog de wandeling naar het appartement onderaan in het dorp. Slechts 400 ongelijke trappen voetje voor voetje in het donker naar beneden lopen. Met weinig bagage. Dat dan weer wel.