Bon appétit

Het is vroeg in de zondagmiddag, we hebben net een lange wandeling in de kou achter de rug en mijn man heeft zin in mosselen. Hij stelt voor naar L’autobus in Visé te gaan. Dat restaurant is ons onlangs warm aanbevolen door vrienden en we zijn al tijden niet meer uit eten geweest. Dus kleden wij ons mooi aan en rijden naar Visé.

We hebben geluk, want kunnen nog net terecht. Eenmaal gezeten aan ons tafeltje, met plexiglas afgescheiden van de buren, valt als eerste de papieren placemat op. Het is reclame voor een lingeriewinkel; mooie en schaars geklede dames prijzen bh’s, strings en pyjama’s aan. Niet echt wat je verwacht in een verder toch vrij degelijke gelegenheid waar vooral oudere dames en heren zich te goed doen aan de warme lunch. Een originele manier om de eetlust op te wekken?

Bij ons werkt ’t vooral op de lachspieren, trek hadden we sowieso al. Als de mosselen met frietjes komen, vallen we erop aan. Onze vrienden hebben niets overdreven, de mosselen zijn heerlijk. Maar het aantrekkelijke aan L’Autobus is niet per se het eten en nog veel minder de eenvoudige inrichting. Het is de gemoedelijke en ongedwongen sfeer die aanspreekt. De goedlachse serveerster (mondkapje onder de kin), gekleed in een zwarte glimmende trainingsbroek, die ons welkom heet. De gasten, veelal oude mensen die hier in hun eentje op zondagmiddag komen eten; op hun paasbest gekleed, sommigen met een hondje naast zich op de stoel. De vrouw achter de bar (bazin?) die alles in de gaten heeft en de meeste nieuwe gasten met de voornaam verwelkomt. In het Frans uiteraard “Ah, bonjour Nadine, ça va?”, wat meteen een vakantiegevoel geeft. We zien – toevallig of niet – welgeteld één persoon die op zijn mobiele telefoon kijkt. De rest is in gesprek of eet met aandacht. Dat dit nog bestaat. We zijn er even helemaal uit, en dat op amper tien minuten van ons huis.

We vragen ons eigenlijk af, waarom wij L’Autobus niet eerder hebben ontdekt. We staan hier notabene vrijwel elke week aan het station (aan de overkant van de straat) onze zoon uit Leuven op te wachten. Maar beter laat dan nooit. “We gaan dit vaker doen”, zegt mijn man vastbesloten. “Zeg nou zelf, waarom niet? Het is lekker, het is gezellig, betaalbaar en we hoeven niet meer te koken op zondag.” Ik kan hem geen ongelijk geven en heb zo’n gevoel dat het een kwestie van tijd is, voordat de bazin ook ons met de voornaam begroet.

Plaats een reactie